We claimen steeds vaker schade: zo doe je dat

Absurde waarschuwingen in handleidingen voor huishoudelijke apparatuur of de tekst ‘pas op, hete koffie’ op het dekseltje van de Starbucks: de Verenigde Staten staan erom bekend dat daar álles juridisch moet worden afgedicht om schadeclaims te voorkomen. In Nederland zal het niet zo gek worden, maar toch sluipt ook hier claimcultuur de rechtszaal binnen. Vooral als het om letsel gaat.

1. Wanneer doken de eerste bizarre claims op?

Het bekendste voorbeeld uit het Amerikaanse aansprakelijkheidsrecht is waarschijnlijk de miljoenenzaak Liebeck versus McDonald’s uit 1994. De 79-jarige Stella Liebeck wist een stevige schadevergoeding van de fastfoodketen te claimen nadat ze zelf een bekertje hete koffie over haar schoot morste.

De feiten zijn door de jaren heen wat aangedikt, niet in de laatste plaats door een persiflage in de komische serie Seinfeld. Wat warme koffie over jezelf kieperen zou genoeg zijn voor een riante jackpot. In werkelijkheid verbleef Liebeck acht dagen in het ziekenhuis en was ze in totaal twee jaar zoet met de behandeling van haar derdegraads brandwonden.

Ze klaagde McDonald’s aan voor ‘slechts’ 20.000 dollar aan medische kosten. Pas toen dat werd weggewuifd, werd het menens. Na een uitvoerig proces besloot een jury haar een slordige 2,7 miljoen toe te kennen. Een bedrag dat de fastfoodketen overigens aanvocht en terugbracht tot 600.000 dollar.

2. Is het in de VS niet een beetje uit de hand gelopen?

De VS spannen wel de kroon, zegt Rogier Witlox van letselschadespecialist MisterClaim. ,,Daar zijn per hoofd van de bevolking ongeveer vier keer zoveel advocaten, die met één zo’n zaak binnen kunnen zijn. Wat ook meespeelt: de VS kennen geen sociaal vangnet, burgers kunnen nergens op terugvallen. Niks te verliezen hebben betekent dan vaak: go for it.’’

Je zou kunnen zeggen dat dit het Angelsaksische model is, want ook in Engeland kun je forse claims neerleggen. Letsel wordt daar royaler gecompenseerd dan in een ‘zuinig’ land als Nederland. Witlox: ,,In 25 jaar heb ik in Nederland nog nooit een zaak boven het miljoen gezien, in euro’s noch in guldens. Wel gaat de hoogte van het smartengeld omhoog. Dat was in de ergste gevallen maximaal 100.000 euro, bijvoorbeeld bij een totale dwarslaesie. Dat loopt nu langzaam op en kleinere zaken lopen daarmee in de pas. Maar het is nog steeds geen vetpot.’’

3. Waait de claimcultuur dus over naar Nederland?

Wat die astronomische bedragen betreft zal dat niet gauw gebeuren. Dat komt mede door een toeslag die het Amerikaanse model uniek maakt: ‘punitive damages’ ofwel privaatrechtelijke boetes. Dat zijn bedragen die bij wijze van straf voor de aansprakelijke persoon bovenop de schadevergoeding worden gezet. Die staan vaak totaal niet in verhouding tot de daadwerkelijke schade en worden toegekend door een jury, wat bedragen verder opdrijft.

Zo kan 20.000 dollar voor medisch leed dus ineens 2,7 miljoen worden voor alle bijkomende smart. Dat gaan we hier niet meemaken.

4. Maar wat wel?

Nederlanders vechten een geschil wel vaker juridisch uit. We zijn steeds hoger opgeleid en ons meer bewust van de mogelijkheden om verhaal te halen. Achmea, de grootste rechtsbijstandsverzekeraar van Nederland, kreeg in 2016 bijna 170.000 hulpverzoeken, zo’n 3.000 meer dan een jaar eerder.

Ook internet leidt tot meer claimbewustheid. Via sociale media weten gedupeerden elkaar sneller te vinden. Een goed voorbeeld is de massazaak tegen de Staatsloterij afgelopen jaar, waarbij Stichting Loterij onder meer via Facebook gedupeerden wist te verzamelen.

Sowieso zijn zulke massaclaims in opkomst. Dat waren er in 2006 nog maar zo’n zes per jaar, maar dat is inmiddels opgelopen tot ruim vijftig in 2016.

5. Wat claimen we zoal in ­Nederland?

We bakkeleien meer met elkaar over spullen die we hebben gekocht of verkocht. Als we daar niet onderling uitkomen, schakelen we juridische bijstand in. Achmea zag deze claims stijgen van 7.878 gevallen in 2012 naar 9.381 in 2016. Dat gaat van een matras dat niet meer mag worden geruild tot een verkeerd geplaatste keuken.

Ook in het onderwijs ziet Achmea dat partijen elkaar vaker in de haren vliegen (van 557 zaken in 2012 naar 784 in 2016). Curieus voorbeeld is het echtpaar dat afgelopen zomer naar de rechter stapte met de eis dat dochter van 7 bij haar vriendinnen in de klas werd geplaatst. Op straffe van een dwangsom van 1000 euro per dag.

Die zaak had overigens een kort leven: binnen een uur na aanvang verlieten de ouders de rechtbank omdat de rechter de media niet uit de zaal wilde verwijderen.

6. En wat nou als je in Nederland door toedoen van een ander letsel oploopt?

Als iets van de claimcultuur uit Amerika is overgewaaid, is het wel de letselschade-advocaat. Na de Bijlmerramp deelden Amerikaanse letseladvocaten op de plek des onheils al visitekaartjes uit. En ook bij een ramp als de brand in Volendam waren twee bureaus er als de kippen bij om zich juridisch over de slachtoffers te ontfermen. Daar keken we toen nog van op.

Inmiddels is het niet meer dan normaal dat slachtoffers bij grootschalige calamiteiten hun belangen door advocaten laten behartigen. Een recent voorbeeld is de massaclaim tegen Malaysia Airlines vanwege de ramp met de MH17, waarbij 298 inzittenden omkwamen. Een team van Nederlandse advocaten staat de nabestaanden van de 182 Nederlandse slachtoffers bij.

Op individueel vlak spelen claims na bijvoorbeeld een ongeval, ziekte door werk, mishandeling, zedendelict of een verkeerde uitgevoerde operatie.

7. Hoe vaak komt dat voor?

Het Verbond van Verzekeraars becijfert het aantal letselclaims in het afgelopen jaar op zo’n 65.000. Inmiddels zijn er in Nederland zo’n 500 letselschade-advocaten die hun diensten aanbieden. En dat voor het schappelijke tarief van gemiddeld 225 à 300 euro per uur.

8. Is dat niet wat veel?

Het Verbond van Verzekeraars vindt die tarieven inderdaad ‘aan de hoge kant’. Ter vergelijking: een advocaat familierecht heeft een tarief van circa 100 euro. Gevolg is dat ook de kosten van letselschadeclaims stijgen. De ‘buitengerechtelijke kosten’ vormen inmiddels 20 procent van de totale letselschadelast van 1,2 miljard euro per jaar. In 5 jaar tijd zijn die kosten gestegen van gemiddeld 7.636 tot 9.019 euro per zaak.

9. Kan je in Nederland ook smartengeld claimen?

We kennen geen ‘punitive damages’, maar dat wil niet zeggen dat je bij een ongeval alleen de daadwerkelijke ziekenhuisrekening mag claimen. In Nederland kun je bij letselschade ook een vergoeding voor de immateriële schade claimen.

In de meeste zaken gaat het om medische fouten of ongevallen op het werk en in het verkeer. Zo betaalde het UMC Utrecht in november 2015 een schadevergoeding van 350.000 euro aan een 55-jarige patiënt voor een medische fout rond de diagnose van haar baarmoederhalskanker.

10. Hoe pak je dat eigenlijk aan, als je letsel wil ­claimen?

Stap 1 is het verzamelen van informatie. Ga je claimen, dan geldt namelijk: ‘wie eist, bewijst’. Artikel 150 uit het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering stelt dat de eisende partij moet bewijzen wat er is gebeurd én dat er als gevolg daarvan schade is geleden.

Daar heb je de nodige juridische en medische kennis voor nodig, dus je kunt het beste de hulp inschakelen van een letselschadeadvocaat of -jurist. Dat kan vanuit een rechtsbijstandverzekering, maar ook op basis van no cure, no pay.

Uit een eerste gesprek zal de gang van zaken bepaald worden. Hoe lang je in een proces verwikkeld bent, is van tevoren niet vast te stellen. Dat is afhankelijk van de medische situatie, de ontwikkeling en mogelijke eindtoestand van het letsel en de opstelling van de tegenpartij. Ook spelen de gevolgen van de lichamelijke beperking en de mate van schuld van de veroorzaker een belangrijke rol.

Bron: Ad.nl



Terug naar nieuws overzicht

Nieuws archief

  • juni 2018 (3)
  • mei 2018 (1)
  • december 2017 (1)
  • november 2017 (1)
  • juni 2017 (1)
  • november 2016 (1)
  • augustus 2016 (1)
  • november 2015 (1)
  • oktober 2015 (1)
  • september 2015 (1)
  • augustus 2015 (1)
  • juni 2015 (1)